De grootste doelgroep voor kermissen is jeugd en waar jeugdproblematiek een uitdaging is van het hele jaar, zijn kermissen al snel een plek waar conflicten worden uitgevochten. In Groningen investeren ze fors met jongerenwerkers uit de wijken, jeugdboa’s, reguliere boa’s en politie om te voorkomen dat spanningen escaleren tot incidenten.
Marlies Zevenhuizen en Gert Wobbes zijn beiden adviseurs openbare orde en veiligheid bij de gemeente Groningen. Op de kermissen van voorgaande jaren in Groningen zien Zevenhuizen en Wobbes steeds vaker en steeds meer incidenten ontstaan tussen verschillende jeugdgroepen die vanuit alle wijken samenkomen op de kermissen in de binnenstad. Door deze ervaringen hebben ze een aanpak ontwikkeld die goed voor de gemeente werkt.
Scenario-aanpak met draaiboek
Groningen ziet de laatste anderhalf jaar op meerdere kermissen in de gemeente geweldsincidenten, wapenbezit en bedreigingen onder jongeren. Wobbes: ‘door deze incidenten moesten we heel ad-hoc de koppen bij elkaar steken. Samen met de gemeente, politie, sociale diensten, jongerenwerkers, jeugdboa’s, boa’s, exploitanten en beveiliging zijn we een ‘treintje’ ingegaan wie welke taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden heeft als soortgelijke incidenten zich herhalen.’
Uit dit ‘treintje’ is een draaiboek ontstaan met een drietal scenario’s, gelijk aan de kleuren van het stoplichtmodel. Het groen-scenario is preventieve inzet nodig: jongerenwerkers en jeugdboa’s staan op de voorgrond en spreken met de jeugd. Het oranje- en rood-scenario is repressieve inzet nodig: de jongerenwerkers stappen terug en boa’s en politie stappen naar voren. Om te bepalen welk scenario wordt ingezet, ontvangt de gemeente via de jongerenwerkers informatie uit de wijken en van social media. Ook zijn er mensen op de kermis aanwezig om het actuele beeld te delen in groepsapp. Wobbes: ‘tijdens de kermis staat iedereen in verbinding met elkaar om informatie te delen.’ De projectleider van de kermis en de coördinator van de boa’s nemen per situatie een besluit over het best passende scenario.
Zevenhuizen: ‘In aanloop naar de Meikermis hebben we verschillende overleggen gevoerd om het draaiboek en de scenario’s te bespreken, zodat iedereen vanuit zijn eigen rol goed op de situatie kan inspelen, waardoor de scenario’s niet snel van groen of oranje naar een rood-scenario zijn gegaan. We hebben wel incidenten gehad, maar veel zijn in de kiem gesmoord.’
Jongerenwerkers en jeugdboa’s
Naast het scenariodraaiboek wordt ook geïnvesteerd in jongerenwerkers. Zij hebben een goede band met de jeugd. Ze kennen het grootste deel van de jongeren goed of hebben ze in beeld. De jongerenwerkers zijn geen handhavers en willen ook niet met hen in contact staan om een goede band met de jongeren te behouden. Jeugdboa’s kunnen wel handhaven en zijn specialisten op het gebied van jeugd. Ze kennen het brein, weten hoe ze met de jongeren om moeten gaan en wat ze wel (of niet) kunnen zeggen. Daarnaast hebben ze beschikking tot 150 vrijkaarten voor de kermis, waarmee ze goed gedrag positief kunnen belonen.
Als er geen aanleiding is om op te treden, staan politie en boa’s voornamelijk op de achtergrond, maar ze zijn wel zichtbaar aanwezig op de kermis. ‘De jongeren mogen zich niet in anonimiteit verschuilen, maar dat geldt ook voor de inzet! Het heeft een sterke preventieve kracht’, aldus Wobbes.
Investeren en leren
Gemeente Groningen heeft door incidenten uit het verleden lessen getrokken als het gaat om de juiste voorbereiding van de kermis. Wobbes licht toe: ‘Bespreek met elkaar aan de voorkant wat ieders taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden zijn en wie kunnen worden vrij gepland. Maak een duidelijk draaiboek met scenario’s en zorg voor een dagelijkse fysieke briefing met alle betrokken partijen.’
De vraag is of je altijd zoveel tijd en mensen kunt investeren in een evenement. Wobbes geeft aan dat iedereen denkt vanuit verschillende belangen die je zal moeten afwegen. Het moet veilig zijn, een bepaalde aantrekkingskracht hebben voor de stad en economisch gunstig zijn voor de organisatie.
Goed nieuws: gemeenten met een soortgelijke uitdaging hoeven niet bij nul te beginnen en kunnen bij Groningen te rade gaan: ‘Het was erg boeiend om dit vraagstuk aan te vangen, te beleven en te evalueren. Voor andere gemeenten zijn we altijd bereid om informatie hierover te delen!’