Door Harold Salomons
Adviseur en trainer ESI & CrowdProfessionals
Alsmaar toenemende regeldruk, extra milieumaatregelen, exploderende kosten en veel berichten over geweldsincidenten. Het zit de kermis niet mee de afgelopen jaren! In deze blog inventariseren we welke uitdagingen de branche momenteel ondervindt en kijken we ook kort vooruit naar wat er nodig is om de ommezwaai te maken naar een commercieel gezonde, veilige en aantrekkelijke kermis in Nederland.
De afgelopen jaren komen kermissen steeds vaker negatief in het nieuws doordat er regelmatig gewelds- en andere delicten plaatsvinden die de sfeer op het kermisterrein verpesten. Als daders worden veelvuldig ‘groepen jongeren’ aangewezen die met elkaar op de vuist gaan of elkaar zelfs met slag- of steekwapens te lijf gaan. In veel gevallen wordt dergelijk geweld ruim uitgemeten in kranten, maar vooral ook door de jongeren zelf op social media. Op deze wijze ontlenen zij binnen hun eigen kring een zekere status aan het plegen van dit soort delicten. Dit alles zorgt er wel voor dat de kermis een minder aantrekkelijke plek wordt voor de reguliere bezoekers zoals ouderen en gezinnen met jonge kinderen. Dat deze voornoemde problematiek niet alleen speelt ‘in de grote steden’ blijkt duidelijk uit de recente berichtgeving: zo ging het mis in het Gelderse Winterswijk en ook in het Limburgse stadje Gennep, waar jonge mannen elkaar met slagwapens te lijf gingen. De kermisexploitanten zijn er inmiddels zelf ook helemaal klaar mee en spreken in de kranten van ‘pure terreur’. De kermisbond Bovak roept de overheid op tot onmiddellijke actie tegen deze geweldsincidenten omdat het de toch al stevig onder druk staande kermisbranche nog verder in het nauw brengt.
Ingrijpende voorwaarden
Door deze wanordelijkheden worden namelijk door de veiligheidspartners zoals gemeentelijke handhaving en/of vergunningverlening, de veiligheidsregio en de hulpdiensten steeds meer eisen gesteld aan de kermisexploitanten om de veiligheid op het kermisterrein te waarborgen. Ingrijpende voorwaarden die zorgen voor een vermindering van de omzet, zoals bijvoorbeeld wanneer het (veel) eerder moeten sluiten en het verbieden van alcoholverkoop worden gecombineerd met kostbare maatregelen zoals steeds meer beveiligingsinzet en het volledig omhekken van het kermisterrein. Deze als noodzakelijk geziene maatregelen zorgen er mede voor dat steeds meer kermissen in de rode cijfers belanden en het voortbestaan daarvan op vele plaatsen in het geding komt. Het is namelijk niet de enige uitdaging die de kermisbranche op dit moment ondervindt:
- Zero emissie/ milieuzones, stikstofproblematiek Natura 2000-gebieden en Omgevingswetgeving. Steeds meer steden verbieden ‘oude’ dieselauto’s, bestelbussen en vrachtwagens waardoor kermisexploitanten problemen ondervinden met het aan- en afrijden van de attracties en overige materialen. Ook stikstofdepositie en de nieuwe omgevingswetgeving zorgen voor meer regeldruk voor de kermisexploitanten. Hoewel veel gemeenten uiteindelijk een mogelijkheid bieden om de milieuschade af te kopen door een ontheffing te verlenen, veroorzaakt dit toch een extra kostenpost op een al onder druk staand kostenplaatje.
- Milieuregelgeving: Steeds meer kermisvergunningen bevatten regels voor het terugdringen van het gebruik van plastic bekers, bestek en verpakkingsmateriaal bijvoorbeeld door inzet van statiegeldbekers. Ook worden met het oog op duurzaamheid steeds minder (diesel)aggregaten toegestaan en dwingend gestuurd op inzet van accupakketten. Daarnaast is in veel steden een verbod op het afsteken van traditioneel vuurwerk afgekondigd.
- Veel steden in Nederland voeren herinrichtingen, vergroening en bebouwing door van de oorspronkelijke binnenstad pleinen waar voorheen kermissen stonden. Er is daardoor een stevige druk op het behouden van voldoende kermisterreinen.
- Concurrentiestrijd met de horeca om de openbare ruimte. De kermisbranche ervaart steeds meer strijd met horeca en andere belanghebbenden om de steeds schaarser beschikbare openbare ruimte.
- Het aantal verzekeraars neemt af, premies nemen toe: onder meer door de hiervoor genoemde toename van incidenten blijkt het volgens de Bovak lastiger en in ieder geval veel duurder om het materieel verzekerd te krijgen en te houden.
- Voortbestaan internaten/ bakhuizen: Het blijkt door een teruglopend aanbod voor de kinderen van schippers & kermisexploitanten steeds moeilijker om geschikte opvang en onderwijs te krijgen op een redelijke reisafstand.
- Europese invloed i.v.m. wet- & regelgeving omtrent het fenomeen ‘schaarse vergunningen’. Als een gemeente geen afdoende kermis/evenementenbeleid heeft geldt ook hier tegenwoordig vaak: ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’. Dit zorgt voor meer onduidelijkheid en onzekerheid voor de organisatie van kermissen nu er ook binnen de kermiswereld meer strijd ontstaat om de meest rendabele staanplaatsen.
Het blijkt dus dat de kermis in Nederland tegenwoordig echt in zwaar weer zit, terwijl de kermisgeschiedenis in ons land wel kan borgen op een geschiedenis van meer dan 1.000 jaar!
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Ondersteunen
Omdat kermissen voor gemeenten niet alleen een economische maar ook een maatschappelijke functie hebben, is goed voorstelbaar dat zij de kermis als ‘immaterieel erfgoed’ willen ondersteunen in deze zware tijden. De sterk toegenomen regeldruk door milieumaatregelen kan verzacht worden door gerichte subsidies en door de maatregelen meer stapsgewijs in te voeren waardoor de kosten over meerdere jaren worden verspreid. Ook zullen gemeenten bij het herprofileren van (binnen-)steden voldoende oog moeten hebben voor het aanwijzen van plaatsen waarop kermissen (en andere evenementen) kunnen worden gehouden. Door het opmaken van locatieprofielen voor deze gebieden ontstaat de noodzakelijke duidelijkheid voor de organisatoren maar ook voor de andere belanghebbenden zoals omwonenden en andere ondernemers zoals horeca en winkels. Een verdere bijdrage levert het updaten van het evenementen- en/of kermisbeleid om deze voldoende te laten aansluiten bij de huidige problematiek.
Mini-pretparken
Maar dan blijft alsnog het grote probleem bestaan van de groepen jongeren die van Limburg tot in Groningen de sfeer verpesten. Het zijn volgens de exploitanten allemaal dezelfde groepen die bijvoorbeeld ‘voor de lol’ gooien met zwaar vuurwerk en de andere bezoekers lastigvallen. Het lijkt er hierbij dus op dat er sprake is van een landelijk probleem met deze ‘groepen jongeren’, waarvoor de huidige aanpak duidelijk niet effectief blijkt te zijn. Als resultaat van deze gebrekkige aanpak zal het open karakter van deze kermisterreinen wellicht al snel tot het verleden gaan behoren, ondanks dat het ingaat tegen de aloude waarden van deze kermissen. Door het inrichten als evenementenlocatie ontstaat immers wel meer controle over wie er op de kermis naar binnen komt en hoe diegene zich dient te gedragen. Op deze wijze zal het beter mogelijk zijn voor de organisator van de kermis om met strenge huisregels een betere controle uit te oefenen op die groepen die elke keer weer voor problemen zorgen. Een dergelijke aanpak zien we regulier al op concerten en festivals waarbij de organisator in de meeste gevallen de openbare orde op het evenemententerrein prima weet te waarborgen, ook zonder overmatige inzet van bijvoorbeeld de politie of gemeentelijke handhavers. Een dergelijke aanpak veroorzaakt wel aanzienlijke kosten voor de inzet van deze mensen, middelen en maatregelen! Kermissen worden zo in feite een soort mini-pretparken, en daar hangt een prijskaartje aan voor de bezoeker.
Overheidsaanpak
De aanpak van een maatschappelijk probleem rond de ‘groepen jongeren’ lijkt op deze manier echter onevenredig te gaan drukken op de kermisexploitanten. De door hen gepleegde inzet moet dus worden opgevolgd door een gerichte overheidsaanpak. Met gebiedsverboden voor deze overlast gevende groepen, huisbezoeken en aanvullende maatregelen om ouders meer te betrekken bij de problemen die hun kinderen veroorzaken en een intensivering van de belangrijke rol die scholen in moeten nemen om deze groep jongeren op positieve wijze te beïnvloeden. De inzet van Jeugd-Boa’s en Jeugdagenten is daarbij van onmisbare waarde, maar dan wel op een manier waarop zij daadwerkelijk voldoende tijd krijgen om het adagium ‘kennen en gekend worden’ op een goede manier uit te voeren. Er zal dus een breed gedragen aanpak moeten volgen om kermissen in Nederland te behouden, anders dreigen we ze echt te gaan verliezen.